follow us facebook twitter

U heeft helaas niet de juiste flash versie geïnstalleerd.

De nieuwste versie kan u downloaden op www.adobe.com.

(U moet uw Flash Player upgraden)

 
 

Machinations, versie VocaalLAB

door Anthony Fiumara

Georges Aperghis (1945) is een in Frankrijk woonachtige Griek, die zijn sporen vooral verdiende op het gebied van het experimentele muziektheater. Zijn werken zijn vaak zeer flamboyant en exhibitionistisch; ze vertonen een zekere verwantschap met het werk van Vinko Globokar, hoewel Aperghis' muziek minder gewelddadig en speelser genoemd kan worden.

In zijn muziektheaterwerk Machinations voor vier vrouwen en computer zet Aperghis de mens tegenover de machine. Machinations is zeker geen muziektheater in de gewone zin van het woord. Dat begint al bij de partituur, waarin geen noot opgeschreven is. Aperghis: "De partituur bestaat alleen uit woorden en letters, met aanwijzingen over de interpretatie. De melodieën en toonhoogtes komen voort uit de manier van spreken van de vier vrouwen."

Na Je vous dis que je suis mort (1978) en Sextuor (1993) werkten componist Aperghis en librettist François Regnault in Machinations (2000) voor de derde maal samen. "Uiteindelijk heb ik voor Georges nog nooit één zin geschreven die van mezelf komt", zei Regnault over Machinations. "Voor Je vous dis que je suis mort had ik samenraapsels gemaakt van teksten van Edgar Allen Poe; voor Sextuor bewerkte ik onder andere The Origin of Species van Darwin tot een soort parcours, vanaf de eencelligen tot en met de mens. Ook in Machinations zijn de teksten voorwendsels."

"Georges had me gesproken over machines van vóór de uitvinding van de computer. Ik herinnerde me verscheidene teksten over automaten: vanaf Heron van Alexandrië - die in de vorm van een euclidische stelling een mechanisch theaterstuk beschrijft - via de mechanische eend van Vaucanson (beroemd in de achttiende eeuw), de Eva van de toekomst van Villiers-de-l'Isle-Adam tot aan de Turing-machine. Ik heb een selectie gemaakt waar zeker een samenhang in zit. Af en toe steekt die samenhang de kop op, maar de echte structuur van dit werk wordt gevormd door de fonemen, de klanken en klankvervormingen. Ik denk dat de tekst misschien wel reminiscenties of zinspelingen opwerpt, maar zeker niet kan worden begrepen als een verhaal."

In een toelichting op het werk noemt de componist die vrouwelijke protagonisten ‘operatrices': hun stemmen stoten fonemen uit, als verre voorouders van de menselijke spraak. Klanken die zich door stelling en tegenstelling geleidelijk ontwikkelen en uiteindelijk, naargelang de vermenging, diverse ‘talen' vormen.
"De ruwe materie neemt soms de gedaante aan van flarden van gepraat, die zelf worden aangetast door de menselijke, op de spraak afstralende broosheid: gestamel, gebrabbel, astma enzovoorts", aldus Aperghis. Hij noemt Machinations "het beknopte en denkbeeldige verhaal van het ontstaan van de talen en de gevoelens die daarmee gepaard gaan."

Naast de vrouwen figureert er in het werk ook een ‘assistant électronique', die een computer bedient. De ‘assistant' volgt het spel van de vier vrouwen aandachtig en intervenieert op zijn manier: hij vervormt hun stem en hun frasering, beklemtoont een of andere parameter van hun klankenstroom, gebruikt hun stemmen om stormen te ontketenen, en zijn virtuositeit met die van hen te meten. Zo veranderen de fonemen en geluids- en beeldobjecten van aard, en komen ze onverbiddelijk in een muzikaal discours terecht dat hen overvleugelt.

Volgens Aperghis is Machinations een soort tijdreis, die begint met het dobbelspel en na verscheidene etappes eindigt met de computerprogramma's van vandaag de dag.

Over de 2009-versie van VocaalLAB Nederland
Romain Bischoff, artistiek directeur van VocaalLAB Nederland, maakte met toestemming van de componist een eigen versie van Machinations. Hoewel Bischoff trouw bleef aan de ‘partituur' is de voorstelling visueel en formeel heel anders geworden dan de oorspronkelijke productie van het Parijse Ircam.
"Natuurlijk moet elke uitvoerder deze partituur interpreteren", zegt Aperghis over de rekbaarheid van de uitvoeringspraktijk. "Maar daarin zit eigenlijk niet meer vrijheid dan bijvoorbeeld in de uitvoering van een Scarlatti-sonate. Door de onconventionele partituur vraagt de uitvoering van dit werk wel een grote investering van de uitvoerders. Hoewel de klanken volledig abstract zijn, en dus geen woorden of zinnen vormen, is het denk ik wel belangrijk dat elke uitvoerder zijn eigen verhaal maakt om het werk met overtuiging te brengen."

In de 2009-versie van VocaalLAB Nederland zit het publiek middenin de scène, gevangen in Aperghis' machinaties, tussen de uitvoerders en omringd door filmbeelden. Die projecties laten eindeloze tunnels zien of uitvergrotingen van de zangeressen, ter plekke gemanipuleerd door de filmmakers. De toeschouwer wordt zo - of hij nou wil of niet - tot getuige en zelfs medeplichtige van de handelingen op het podium.
Bischoff: "Het publiek kan niet gewoon gezellig toekijken. Het zal hier en daar zelfs aangeraakt worden. We hebben bewust voor deze confronterende en beklemmende opstelling gekozen. Het is een voorstelling als het leven zelf: je ziet de rommel om je heen, maar je gaat gewoon door, met vallen en opstaan. We zijn als mensheid simpelweg niet in staat drastisch te veranderen. Worden we geleefd?"

De vrouwenstemmen worden in de 2009-versie gedubbeld door dansers, die de zangers in elk opzicht bijna klonen. De dansers zijn in feite al een fase verdedan de zangeressen: zij kunnen al niet meer spreken. Ook anders dan in de Ircam-productie lopen de zangeressen en de dansers hier door het publiek, terwijl de man achter de computer als een onaantastbare scheidsrechter voor god speelt. Buiten schot manipuleert hij de figuren op de grond, die robotachtig op zijn commando's bewegen. Tot het moment dat één van de vrouwen zijn almacht wil aanvechten.

Voor Bischoff gaat Machinations over de geboorte van de taal, de mens en de machine. Het werk weerspiegelt voor hem hoe het er op dit moment op aarde aan toe gaat: "Het is niet bepaald een rooskleurig beeld dat Aperghis ons hier voorschildert. Eigenlijk vind hij dat we als mensheid machines aan het worden zijn. Machinations eindigt in mineur, met de vraag ‘zijn wij een machine geworden? We zijn een machine.' Een prachtig einde, maar wel triest."

 

Terug naar de voorstelling